Om de steilste bergpassen van de Alpen te overwinnen, moeten je motor of bovenbenen behoorlijk aan het werk. Maximale stijgingspercentages van meer dan 10% zijn voor niemand leuk, maar kom je af en toe toch tegen. Je krijgt er vaak wel een geweldige ervaring en prachtig uitzicht voor terug. In dit artikel hebben we de steilste bergpassen in de Alpen voor je op een rijtje gezet. Een volledig objectieve ranglijst bestaat niet, omdat percentages verschillen per rijrichting en meetmethode.
Wanneer is een bergpas echt steil?
Het maximale stijgingspercentage zegt hoeveel een weg op het steilste gemeten gedeelte omhoogloopt. Bij 20% stijging neemt de hoogte over 100 meter horizontale afstand met 20 meter toe. Zo’n percentage geldt doorgaans voor een kort wegdeel en niet voor de volledige beklimming.
Voor automobilisten bepaalt vooral de combinatie van stijging, rijbaanbreedte, bochten en verkeersdrukte hoe lastig een pas aanvoelt. Voor wielrenners zijn daarnaast de lengte, het gemiddelde percentage en het aantal kilometers zonder herstel belangrijk. Een klim van twaalf kilometer met gemiddeld 11% is meestal zwaarder dan een langere pas met één korte piek van 20%.
De genoemde maximale percentages zijn daarom indicatief. Routeprofielen, verkeersborden en gps-metingen gebruiken niet altijd dezelfde meetafstand. Ook maakt het veel uit vanaf welke zijde je omhoogrijdt.
De steilste bergpassen in de Alpen per land
Onderstaande selectie bestaat zo veel mogelijk uit geasfalteerde paswegen die twee dalen of routes met elkaar verbinden. Doodlopende bergwegen, privéwegen en beklimmingen die uitsluitend voor fietsers toegankelijk zijn, tellen niet mee in de hoofdselectie.
- Oostenrijk: Turracher Höhe, plaatselijk 23%
- Italië: Sella di Monte Zoncolan, maximaal circa 22%
- Zwitserland: Pragelpass, maximaal 18%
- Duitsland: Riedbergpass, maximaal 16%
- Frankrijk/Italië: Col d’Agnel, maximaal circa 15% aan Italiaanse zijde
- Slovenië: Vršičpas, maximaal circa 11%
Dit is geen onbetwiste ranglijst van één tot en met zes. De wegen verschillen sterk in lengte, rijrichting, toegangsregels en manier waarop de helling is gemeten.
Steilste bergpassen Oostenrijk
Turracher Höhe: een korte passage van 23%
De Turracher Höhe verbindt de Oostenrijkse deelstaten Steiermark en Karinthië. De pasweg voert over de B95 en bereikt bij het gelijknamige bergdorp een hoogte van ongeveer 1760 meter.
Op de zuidelijke weg staat een waarschuwingsbord voor een passage van 23%. Het gaat om een relatief kort wegdeel, maar daarmee behoort de Turracher Straße wel tot de steilste openbare paswegen van Oostenrijk. De weg is geasfalteerd en vormt een doorgaande verbinding tussen Ebene Reichenau en Predlitz.
Voor automobilisten is vooral de afdaling richting Karinthië een aandachtspunt. Schakel tijdig terug en laat de motor mee afremmen. Wielrenners die vanaf de zuidkant komen, krijgen de zwaarste strook al vóór de pashoogte te verwerken.
Andere steile bergpassen in Oostenrijk
Ook de Weinebene, op de grens van Karinthië en Steiermark, bevat forse passages. De westelijke beklimming vanuit Sankt Gertraud bereikt volgens fietsprofielen plaatselijk 20%. De pas ligt op 1.668 meter en de totale klim is aanzienlijk langer dan het steilste gedeelte doet vermoeden.
- Turracher Höhe (Murau – Reichenau): 23%, 1763 m
- Hepalpe/Hebalm (Preitenegg – Deutschlandsberg): 23%, 1417 m
- Auf dem Straßegg (Pernegg an der Mur – Birkfeld): 22%, 1170 m
- Katschberg (Tamsweg – Spittal an der Drau): 21%, 1641 m
- Weinebene (Wolfsberg – Deutschlandsberg): 20%, 1668 m
- Arbiskopfjoch (Hippach – Aschau im Zillertal): 20%, 2015 m
Steilste bergpassen in Italië
Monte Zoncolan: extreem zwaar door de hoge gemiddelde stijging
De Sella di Monte Zoncolan ligt in de Karnische Alpen in Friuli-Venezia Giulia. Vooral de beklimming vanuit Ovaro is berucht. Over 10,1 kilometer stijgt de weg gemiddeld ongeveer 11,7%, met passages tot 22%. In het middendeel blijft de weg meerdere kilometers zeer steil.
Daarmee is de Zoncolan niet alleen vanwege één korte uitschieter zwaar. Het hoge gemiddelde en het gebrek aan vlakke herstelstroken maken de beklimming tot een van de moeilijkste asfaltklimmen van de Alpen.
De weg loopt via de bergkam richting Sutrio, maar de bereikbaarheid kan buiten het zomerseizoen en tijdens evenementen worden beperkt. Controleer de lokale verkeerssituatie voordat je de route opneemt in een rondrit
Andere steile passen in Italië
- Monte Bondone: 16%, 1654 m
- Passo Fedaia: 16%, 2057 m
- Passo delle Erbe, 16%, 2033 m
- Passo d'Eira: 15%, 2208 m
- Vallespas: 15%, 2033 m
- Passo Mortirolo: 18%, 1896 m
Steilste bergpassen in Frankrijk
Col d’Agnel: de zwaarste zijde ligt in Italië
De Col d’Agnel, in het Italiaans Colle dell’Agnello, verbindt de Franse Queyras met het Italiaanse Valle Varaita. De pashoogte ligt op 2744 meter, waarmee dit ook een van de hoogste geasfalteerde grensovergangen van de Alpen is.
De Franse zijde is lang, maar kent een maximale stijging van ongeveer 9%. Vanuit het Italiaanse Casteldelfino loopt de klim plaatselijk op tot circa 15%. De volledige Italiaanse beklimming is 22,4 kilometer lang en stijgt gemiddeld 6,5%.
Veel bekende Franse Alpenpassen, zoals de Galibier, Iseran en Bonette, zijn vooral zwaar door hun lengte en hoogteverschil. Hun maximale percentages (10%) blijven meestal lager dan die van de extreemste Oostenrijkse en Italiaanse paswegen.
Wanneer je de bergpassen van de Franse Alpen met de Pyreneeën vergelijkt, dan zijn de bergwegen in het zuiden een stukje steiler.
Steilste bergpassen van Zwitserland
De bergpassen van Zwitserland zijn wonderschoon. Het wegdek is uitstekend, de vergezichten zijn adembenemend en de namen klinken prachtig. De Pragelpass verbindt het Muotatal in het kanton Schwyz met het Klöntal en Glarus. De pashoogte ligt op 1548 meter en de weg loopt plaatselijk op tot 18%. Grote delen zijn smal en slechts één rijstrook breed.
De verkeersregels maken deze pas bijzonder. Op zaterdag en zondag is een gedeelte gesloten voor motorvoertuigen en motorfietsen. Er geldt bovendien een maximumgewicht van 3,5 ton en aanhangers zijn niet toegestaan, met enkele lokale uitzonderingen.
Voor campers en auto’s met caravan is de Pragelpass dus geen geschikte doorgaande route. Voor wielrenners kan de weekendafsluiting juist zorgen voor een relatief rustige beklimming.
De Weissenstein bij Solothurn doet er met 20% nog een schepje bovenop. Ook bekende bergpassen als de Furka (11%), Grimsel (10%) en Umbrail (12%) zijn behoorlijk steil.
Steilste bergpassen van Duitsland
Riedbergpass: de steilste belangrijke pasweg van Duitsland
De Riedbergpass ligt in de Allgäuer Alpen tussen Obermaiselstein en Balderschwang. Het hoogste punt van de weg ligt op 1407 meter. Beide zijden bevatten passages tot ongeveer 16%.
De oostzijde vanuit Obermaiselstein is het bochtigst en voor fietsers het zwaarst. De weg is doorgaand en tolvrij, maar er gelden beperkingen voor zeer grote en zware voertuigen. Controleer bij een hoge camper ook de toegestane voertuighoogte en actuele wegwerkzaamheden.
Hoewel Duitsland hogere bergwegen heeft, zijn dit meestal doodlopende wegen of rondwegen. De Riedbergpass geldt daardoor als de hoogste berijdbare echte pasweg die volledig in Duitsland ligt.
- Tatzelwurm: 16%,775 m
- Oberjochpass, 10%, 1178 m
Met de auto over een steile bergpas
Een stijging van 20% hoeft met een goed onderhouden auto geen probleem te zijn. De afdaling vraagt doorgaans meer aandacht dan de klim. Langdurig remmen kan ervoor zorgen dat de remmen oververhit raken en remkracht verliezen.
Praktische tips voor automobilisten
- Schakel bergaf naar een lage versnelling en laat de auto op de motor afremmen.
- Gebruik bij een automaat indien nodig de handmatige stand, bergstand of een lage versnelling.
- Houd voldoende afstand, zodat je niet voortdurend hoeft te remmen.
- Rem vóór een haarspeldbocht kort en duidelijk af in plaats van het rempedaal voortdurend licht ingedrukt te houden.
- Stop wanneer de remmen sterk ruiken of wanneer de remwerking verandert.
- Controleer vooraf wegafsluitingen, maximale breedte, hoogte en gewicht.
- Vermijd smalle passen met een caravan wanneer de route niet uitdrukkelijk als geschikt staat aangegeven.
De ANWB adviseert bergaf in ongeveer dezelfde versnelling te rijden als bergop. Wie een te hoge versnelling kiest en continu moet bijremmen, belast de remmen onnodig zwaar.
Welke pas is het zwaarst voor wielrenners?
Voor wielrenners is Monte Zoncolan vanuit Ovaro waarschijnlijk de zwaarste beklimming uit dit overzicht. De combinatie van 10,1 kilometer, gemiddeld bijna 12% en lange stroken rond of boven 15% weegt zwaarder dan één losse piek van 23%.
Ook de Mortirolo vanuit Mazzo en de Passo Fedaia vanuit Caprile vragen een zeer licht verzet. Wie deze passen wil fietsen, kijkt daarom beter naar het volledige hoogteprofiel dan alleen naar het maximale percentage.
De Col d’Agnel is minder steil, maar door de lengte, grote hoogte en het hoogteverschil eveneens zwaar. Boven 2500 meter kunnen kou, wind en een lagere luchtdruk de inspanning bovendien merkbaar vergroten.
Veelgestelde vragen over steile bergpassen in de Alpen