Wie komend weekend in de Alpen is, moet vanaf zondag extra goed op de tijd letten. In de nacht van zaterdag 24 op zondag 25 oktober gaat de klok een uur terug en begint de wintertijd. Dat betekent niet alleen een uur langer slapen: volgens de klok wordt het ’s avonds van de ene op de andere dag ook een uur eerder donker. Zeker als je nog wilt wandelen, fietsen of een andere activiteit in de bergen plant, is dat iets om rekening mee te houden.
In het kort
- In de nacht van zaterdag 24 op zondag 25 oktober 2026 gaat de klok een uur terug.
- Daardoor wordt het vanaf zondag volgens de klok ’s avonds ineens een uur eerder donker.
- Ga je de bergen in, vertrek dan op tijd en neem voor de zekerheid een hoofdlamp en extra warme kleding mee.
Zondag gaat de wintertijd in
Op zondag 25 oktober 2026 gaat de klok om 03.00 uur terug naar 02.00 uur. Dat gebeurt niet alleen in Nederland, maar ook in vrijwel alle Alpenlanden. Oostenrijk, Duitsland, Frankrijk, Italië, Zwitserland en Slovenië schakelen die nacht eveneens over op wintertijd.
Aan de hoeveelheid daglicht verandert natuurlijk niet plotseling iets. Wel verschuift alles op de klok een uur. Waar de zon zaterdag bijvoorbeeld rond het einde van de middag ondergaat, gebeurt dat zondag volgens de klok ongeveer een uur eerder. Wie bij het plannen van een wandeling vooral gewend is naar het tijdstip te kijken, kan daardoor gemakkelijk verrast worden.
Vooral tijdens een bergwandeling merk je het verschil
Eind oktober zijn de dagen sowieso al een stuk korter dan in de zomer. Daar komt na het ingaan van de wintertijd nog bij dat de duisternis op de klok opeens veel vroeger valt.
Dat is in het dal misschien vooral even wennen, maar in de bergen kan het een belangrijk verschil maken. Een wandeling duurt al snel langer dan gedacht. Misschien blijf je wat langer op een uitzichtpunt zitten, neem je onderweg uitgebreid pauze of blijkt een afdaling lastiger dan verwacht. Een half uur vertraging kan eind oktober betekenen dat het laatste deel van je tocht ineens in de schemering of het donker plaatsvindt.
In bergachtig terrein verdwijnt de zon bovendien vaak al ruim vóór de officiële zonsondergang achter een bergkam. Vooral in smalle dalen en op hellingen die weinig middag- of avondzon krijgen, kan het daardoor opvallend snel donker en koud worden.
Plan vanaf zondag wat meer tijdreserve in
Ga je eind oktober wandelen in de Alpen, kijk dan niet alleen naar de opgegeven wandeltijd van een route. Bereken ook hoe laat je uiterlijk terug wilt zijn en neem voldoende reserve.
Een route die volgens de wandelbeschrijving vier uur duurt, hoeft in de praktijk niet na precies vier uur klaar te zijn. Fotostops, rustpauzes, gladde stukken, vermoeidheid of een verkeerd ingeslagen pad kunnen allemaal extra tijd kosten.
Vanaf zondag is het daarom verstandig om:
- Eerder aan je wandeling te beginnen
- Bij lange tochten extra tijdreserve in te bouwen
- Vooraf te controleren hoe laat de zon ondergaat op je bestemming
- Rekening te houden met de ligging van het dal en de berghellingen
- Niet pas bij zonsondergang terug bij de auto, accommodatie of het dalstation te willen zijn.
Vooral bij tochten met veel hoogtemeters of technisch lastigere stukken is het prettig om de afdaling volledig bij daglicht te kunnen afleggen.
Stop een hoofdlamp in je rugzak
Een hoofdlamp neemt nauwelijks ruimte in en kan in deze periode bijzonder handig zijn. Ook als je helemaal niet van plan bent om in het donker onderweg te zijn.
De zaklamp van je telefoon is minder geschikt als noodoplossing. Je hebt je handen niet vrij, de accu van je telefoon raakt sneller leeg en bij kou kan de batterijduur verder teruglopen. Een kleine hoofdlamp in je wandelrugzak is daarom een veel betere reserve.
Controleer voor vertrek wel of de batterij voldoende vol is. Wie regelmatig in de herfst wandelt, kan de hoofdlamp eigenlijk standaard in de rugzak laten zitten.
Het koelt na zonsondergang snel af
Niet alleen het licht verandert. Zodra de zon eind oktober achter de bergen verdwijnt, kan de temperatuur snel dalen. Op hoogte liggen de temperaturen sowieso lager dan in het dal en tijdens heldere herfstavonden kan het verschil binnen korte tijd flink merkbaar zijn.
Neem daarom ook op een zonnige herfstdag een extra warme laag mee. Handschoenen, een muts en een wind- of regenjack wegen weinig, maar zijn prettig wanneer een tocht langer duurt dan gepland.
Let bovendien op met sneeuw en ijs. Zuidhellingen kunnen overdag nog volledig sneeuwvrij en zonnig zijn, terwijl op schaduwrijke noordhellingen sneeuw of bevroren stukken veel langer blijven liggen. Zeker laat op de dag kunnen natte paden opnieuw glad worden.
Ook openingstijden van bergliften goed controleren
Wie een berglift gebruikt om terug naar het dal te komen, moet niet alleen naar het daglicht kijken. Veel kabelbanen die eind oktober nog draaien, hebben in het naseizoen kortere openingstijden dan in de zomer.
Mis je de laatste afdaling, dan betekent dat soms dat je alsnog te voet naar beneden moet. Controleer daarom voor vertrek altijd de actuele openingstijden van de lift en plan voldoende marge in. Ga er niet vanuit dat iedere lift tot het donker blijft draaien.
Hetzelfde geldt voor berghutten en restaurants. Eind oktober is het zomerseizoen op veel plekken afgelopen en zijn steeds meer hutten gesloten of alleen op bepaalde dagen geopend.
Mooie periode om te wandelen, maar de dagen zijn kort
Dat de dagen korter worden, betekent natuurlijk niet dat je eind oktober beter niet meer de bergen in kunt. Integendeel: juist deze periode kan prachtig zijn. De herfstkleuren zijn op veel plekken op hun mooist, het is vaak rustiger op de wandelpaden en op heldere dagen is het zicht fantastisch.
Het vraagt alleen om een iets andere planning dan tijdens een zomerse bergwandeling. Zeker vanaf zondag 25 oktober is het verschil duidelijk merkbaar: op de klok valt de avond ineens een uur eerder. Wie daar vooraf rekening mee houdt, kan ook in de laatste weken van de herfst nog volop van de bergen genieten.
Veelgestelde vragen over de wintertijd in de Alpen