Lang voordat bergwandelen een hobby werd, waren de Alpen al een kruispunt van beschavingen. Waar nu lange-afstandswandelaars met GPS en lichte rugzakken lopen, trokken ooit Kelten, Romeinen, handelaren en boodschappers met zware lasten over smalle bergpassen. Hun paden vormden de basis van enkele van de beroemdste Alpenroutes van vandaag. Zeven historische wegen die laten zien: de Alpen waren nooit een barrière, maar juist een verbinding.
Van muilezelpad tot keizerlijke route
Al in de prehistorie ontstonden er smalle paden over bergkammen, uitgesleten door hoeven, voeten en tijd. De Romeinen maakten daar gretig gebruik van en deden wat ze het beste konden: standaardiseren, verstevigen en versnellen. Zo veranderden kwetsbare bergpaden in strategische verbindingen tussen Noord- en Zuid-Europa. Veel van die routes zijn vandaag de dag nog steeds herkenbaar – en verrassend goed te bewandelen.
1. Col de Montgenèvre – een van de oudste Alpenpassen
Tussen het Italiaanse Val di Susa en het Franse Briançon ligt de Col de Montgenèvre (1850 meter). Waarschijnlijk werd deze pas al in de vroege oudheid gebruikt door herders, later door Romeinse legioenen. In 120 v.Chr. werd deze route onderdeel van de Via Domitia, de levensader tussen Italië en Spanje. Vandaag wandel je hier door een landschap dat al duizenden jaren in beweging is.
2. Via Claudia Augusta – de grote noord-zuidverbinding
Misschien wel de bekendste Romeinse Alpenroute. Ze verbond de Povlakte met Zuid-Duitsland en werd dé hoofdroute tussen de Donau en Middellandse Zee. Over het exacte verloop discussiëren historici nog altijd, maar haar invloed is onmiskenbaar.
3. Grote Sint-Bernhardpas – over de Alpen op 2500 meter
Dat jagers en herders hier al in de ijzertijd overstaken, lijkt haast onvoorstelbaar. Toch gebeurde het. De Romeinen bouwden de route verder uit tot een belangrijke doorgang tussen het Aostadal en Wallis. De pas werd gewijd aan Jupiter en stond bekend als Mons Iovis. Eeuwen later volgden pelgrims, kooplui en uiteindelijk toeristen.
4. Via Julia Augusta – de militaire snelweg van Augustus
Deze kaarsrechte Romeinse weg begon aan de Adriatische kust en splitste zich richting Zuid-Frankrijk en Karinthië. Ze was bedoeld voor snelheid: legioenen konden de Alpen in enkele dagen oversteken. Vandaag volgen automobilisten en fietsers nog steeds grotendeels hetzelfde tracé.
5. Barnsteenroute - handelsroute van Noord naar Zuid
De barnsteenroute is niet een enkele weg, maar bestaat uit een netwerk van paden. Deze route verbond de Adriatische Zee met de Oostzee en liep dwars door de zuidoostelijke Alpen. Het pad dankt zijn naam aan barnsteen, ooit een kostbaarder ruilmiddel dan goud. Tegenwoordig zijn delen van deze route prachtige panorama-wandelingen door Slovenië en Karinthië.
6. Splügenpas – grens tussen noord en zuid
Ten noorden van het Comomeer ligt de Splügenpass, een klassieke overgang tussen Italië en Zwitserland. Al vóór de Romeinen werd het pad gebruikt, later versterkt en in de 19e eeuw opnieuw aangelegd. De combinatie van ruig hooggebergte en historische infrastructuur maakt deze pas tot een levende geschiedenisles.
7. Via Raetia – de voorloper van de Brennerpas
Toen snelheid belangrijker werd dan hoogte, nam de Via Raetia het over. Via de Brennerpas werd de route naar Augsburg twee tot drie dagen korter. Middeleeuwse keizers, hervormers en dichters volgden dit pad – en vandaag is het nog steeds de drukste Alpenovergang.